Skip Navigation or Skip to Content

Vallen gewasbeschermingsmiddelen onder PGS 15?

Sophie ·
Gelabelde chemische pesticiden op industriële metalen magazijnrekken, met een gevaarsbordje aan de muur onder tl-verlichting.

Ja, gewasbeschermingsmiddelen vallen onder de PGS 15-richtlijn. De richtlijn is expliciet van toepassing op de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen, en gewasbeschermingsmiddelen worden in de PGS 15 uitdrukkelijk benoemd als een van de stofcategorieën waarop de richtlijn van toepassing is, naast biociden, CMR-stoffen en afvalstoffen. Hieronder beantwoorden we de meest gestelde vragen over wat dit in de praktijk betekent voor uw opslag en transport.

Welke stoffen vallen officieel onder de PGS 15-richtlijn?

De PGS 15-richtlijn is van toepassing op de opslag en tijdelijke opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Concreet gaat het om stoffen die zijn ingedeeld in de ADR-gevarenklassen, aangevuld met een aantal specifiek genoemde categorieën: CMR-stoffen (carcinogeen, mutageen of reproductietoxisch), gevaarlijke afvalstoffen, biociden en gewasbeschermingsmiddelen. Deze laatste twee worden in de richtlijn apart benoemd, ook als zij niet altijd volledig onder de ADR-classificatie vallen.

Gewasbeschermingsmiddelen zijn in dit kader bijzonder, omdat ze zowel door hun chemische eigenschappen als door hun specifieke regelgeving een eigen positie innemen. Zelfs middelen die niet als gevaarlijk goed worden getransporteerd, kunnen bij opslag toch onder PGS 15 vallen vanwege hun toxische of milieugevaarlijke eigenschappen. Wie gewasbeschermingsmiddelen opslaat, doet er goed aan niet alleen te kijken naar het ADR-etiket, maar ook naar de indeling op basis van het veiligheidsinformatieblad.

Welke ADR-klassen hebben gewasbeschermingsmiddelen?

Gewasbeschermingsmiddelen vallen doorgaans onder ADR-klasse 6.1 (giftige stoffen) of klasse 3 (brandbare vloeistoffen), afhankelijk van de samenstelling van het middel. Sommige middelen zijn ingedeeld in klasse 9 (diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen) of hebben een aanvullende milieugevaarsaanduiding. De exacte ADR-klasse staat vermeld op het veiligheidsinformatieblad en de verpakking.

Bij het ADR-transport van gewasbeschermingsmiddelen is de juiste classificatie essentieel. Een onjuiste of ontbrekende indeling leidt niet alleen tot problemen bij inspecties, maar kan ook de veiligheid bij samenopslag in gevaar brengen. Chauffeurs die gevaarlijke stoffen vervoeren, moeten in het bezit zijn van een geldig ADR-certificaat en het voertuig moet zijn uitgerust met de voorgeschreven ADR-uitrusting. Wij werken uitsluitend met ADR-gecertificeerde chauffeurs en volledig uitgeruste voertuigen, zodat het transport van gewasbeschermingsmiddelen altijd aan de geldende eisen voldoet.

Wat zijn de concrete opslageisen voor gewasbeschermingsmiddelen onder PGS 15?

De opslageisen voor gewasbeschermingsmiddelen onder PGS 15 omvatten een combinatie van bouwkundige, technische en organisatorische maatregelen. De richtlijn werkt in de 2025-versie met scenario-gebaseerd werken, wat betekent dat de eisen zijn afgestemd op de specifieke risico’s van de opgeslagen stoffen en hoeveelheden.

De belangrijkste concrete eisen zijn:

  • Vloeistofdichte vloer en lekbak: De opslagvloer moet vloeistofdicht zijn en voorzien van een opvangvoorziening die lekkages en bluswater kan bevatten.
  • Brandcompartimentering: Gewasbeschermingsmiddelen moeten worden opgeslagen in een afzonderlijk brandcompartiment of een daarvoor gecertificeerde opslagkast, afhankelijk van de hoeveelheid.
  • Ventilatie: De PGS 15:2025 stelt aangescherpte eisen aan ventilatie, zowel mechanisch als natuurlijk, om blootstelling aan dampen te voorkomen.
  • Brandbestrijding: Afhankelijk van de klasse en hoeveelheid zijn sprinklerinstallaties of andere blusmiddelen verplicht.
  • Toegangsbeveiliging: De opslagruimte moet zijn afgesloten voor onbevoegden.
  • Documentatie en registratie: Een actuele voorraadadministratie en risicobeoordeling zijn verplicht.

De PGS 15:2025 legt meer nadruk op aantoonbaarheid: het volstaat niet langer om de maatregelen te hebben getroffen; u moet ook kunnen aantonen dat ze effectief zijn en regelmatig worden gecontroleerd.

Mogen gewasbeschermingsmiddelen samen met andere gevaarlijke stoffen worden opgeslagen?

Gewasbeschermingsmiddelen mogen niet zonder meer samen met andere gevaarlijke stoffen worden opgeslagen. De PGS 15-richtlijn stelt specifieke samenopslagregels op basis van de ADR-klassen van de betrokken stoffen. Zo mogen klasse 3 (brandbare vloeistoffen) en klasse 6.1 (giftige stoffen) onder bepaalde voorwaarden samen worden opgeslagen, maar gelden er strikte grenzen aan de totale hoeveelheden en de vereiste scheidingsmaatregelen.

Concrete aandachtspunten bij samenopslag van gewasbeschermingsmiddelen zijn:

  • Klasse 6.1-middelen mogen niet samen worden opgeslagen met oxiderende stoffen (klasse 5.1) zonder aanvullende maatregelen, vanwege het verhoogde brandrisico.
  • Gewasbeschermingsmiddelen in klasse 3 mogen niet naast klasse 8 (bijtende stoffen) worden geplaatst zonder fysieke scheiding of brandwerende wand.
  • CMR-gewasbeschermingsmiddelen vereisen extra administratieve maatregelen en een apart registratiesysteem.
  • Biociden en gewasbeschermingsmiddelen mogen in principe samen worden opgeslagen, maar de totale hoeveelheid bepaalt welke aanvullende eisen van toepassing zijn.

De samenopslagtabel in PGS 15 is het uitgangspunt, maar de specifieke situatie vraagt altijd om een concrete risicobeoordeling. Een fout in de samenopslag is een van de meest voorkomende bevindingen bij ILT-inspecties.

Wanneer is een omgevingsvergunning verplicht voor de opslag van gewasbeschermingsmiddelen?

Een omgevingsvergunning is verplicht zodra de opgeslagen hoeveelheid gewasbeschermingsmiddelen een bepaalde drempelwaarde overschrijdt. De exacte drempel hangt af van de ADR-klasse en de specifieke gevaarseigenschappen van de stoffen, maar als vuistregel geldt: boven 10.000 kilogram verpakte gevaarlijke stoffen in totaal is een omgevingsvergunning in de meeste gevallen verplicht. Voor kleinere hoeveelheden kan een melding in het kader van het Activiteitenbesluit of de Omgevingswet volstaan.

De PGS 15:2025 sluit nadrukkelijk aan op de Omgevingswet, die in 2024 in werking is getreden. Dit betekent dat vergunningaanvragen nu via het Omgevingsloket lopen en dat het bevoegd gezag de PGS 15 als erkende maatregel kan hanteren bij het beoordelen van aanvragen. Een vergunningtraject duurt in de praktijk al snel zes tot twaalf maanden, wat een serieuze belemmering kan zijn als u snel wilt uitbreiden.

Voor bedrijven die hun eigen PGS 15-magazijn vol zien lopen, biedt uitbesteding aan een gecertificeerde logistiek dienstverlener een praktische oplossing. U schakelt dan over naar een partner die al beschikt over de benodigde vergunningen, de juiste opslaginfrastructuur en de expertise om aan alle eisen te voldoen. Wilt u weten wat wij voor uw specifieke situatie kunnen betekenen? Neem gerust contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of mijn gewasbeschermingsmiddelen onder de meldingsplicht of vergunningplicht vallen?

Het onderscheid hangt af van de totale opgeslagen hoeveelheid én de ADR-klasse van uw middelen. Raadpleeg het veiligheidsinformatieblad van elk middel om de juiste klasse-indeling te bepalen en tel de hoeveelheden per klasse bij elkaar op. Bij twijfel is het verstandig om contact op te nemen met uw gemeente of omgevingsdienst, of een gespecialiseerde adviseur in te schakelen die de situatie concreet voor u kan beoordelen.

Wat zijn de meest gemaakte fouten bij de opslag van gewasbeschermingsmiddelen die ILT-inspecteurs tegenkomen?

De meest voorkomende bevindingen bij ILT-inspecties zijn onjuiste samenopslag (verkeerde combinaties van ADR-klassen), ontbrekende of verouderde risicobeoordeling, onvoldoende ventilatie en een niet-bijgehouden voorraadadministratie. Ook het ontbreken van een actueel veiligheidsinformatieblad per opgeslagen middel en een gebrekkige toegangsbeveiliging worden regelmatig geconstateerd. Met de aangescherpte aantoonbaarheidseisen in PGS 15:2025 is papieren documentatie niet langer optioneel, maar een harde verplichting.

Gelden de PGS 15-eisen ook voor kleine hoeveelheden gewasbeschermingsmiddelen, bijvoorbeeld op een agrarisch bedrijf?

Ja, ook voor kleine hoeveelheden gelden er eisen, al zijn deze minder zwaar dan voor grote opslagen. PGS 15 kent vrijstellingen en verlichte eisen voor zogenoemde 'kleine hoeveelheden', maar ook dan moet u beschikken over een vloeistofdichte opvangvoorziening, een afgesloten opslagruimte en de juiste documentatie. Agrarische bedrijven vallen bovendien mogelijk onder aanvullende regelgeving vanuit de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, dus controleer altijd beide kaders.

Wat moet ik doen als ik mijn huidige opslagsituatie wil laten toetsen aan PGS 15:2025?

Begin met een interne inventarisatie: breng alle opgeslagen gewasbeschermingsmiddelen in kaart met hun ADR-klasse, hoeveelheden en opslaglocatie. Vergelijk vervolgens uw huidige situatie systematisch met de scenario's en maatregelen uit PGS 15:2025. Voor een betrouwbare en volledige toetsing is het aan te raden een gecertificeerde adviseur of uw omgevingsdienst in te schakelen, zeker als u binnenkort een inspectie verwacht of uw opslag wilt uitbreiden.

Mag ik gewasbeschermingsmiddelen tijdelijk buiten de vaste opslagruimte bewaren, bijvoorbeeld op een laadperron?

Tijdelijke opslag, zoals op een laadperron of in een ontvangstzone, valt ook onder de PGS 15-richtlijn. De richtlijn hanteert hiervoor de term 'tijdelijke opslag' en stelt dat ook deze situaties moeten voldoen aan de basisvereisten voor opvang, ventilatie en toegangsbeveiliging. De tijdsduur en hoeveelheid bepalen welke aanvullende eisen gelden; zorg er in elk geval voor dat tijdelijke opslag nooit langer duurt dan strikt noodzakelijk en altijd gedocumenteerd is.

Wat zijn de voordelen van het uitbesteden van de opslag van gewasbeschermingsmiddelen aan een gespecialiseerde logistiek dienstverlener?

Uitbesteding neemt u de verantwoordelijkheid voor vergunningen, infrastructuur en compliance volledig uit handen: de dienstverlener beschikt al over de juiste PGS 15-gecertificeerde opslagfaciliteiten, ADR-gecertificeerde chauffeurs en actuele documentatie. Daarmee vermijdt u kostbare investeringen in uw eigen opslaglocatie, verkort u doorlooptijden en beperkt u aansprakelijkheidsrisico's bij inspecties. Bovendien kunt u bij piekseizoenen flexibel op- en afschalen zonder uw eigen opslagcapaciteit te overschrijden.

Hoe vaak moeten de veiligheidsmaatregelen en documentatie voor PGS 15-opslag worden gecontroleerd en bijgewerkt?

PGS 15:2025 vereist dat u aantoonbaar maakt dat uw maatregelen effectief zijn én regelmatig worden gecontroleerd; er is geen vaste wettelijke frequentie, maar in de praktijk wordt een jaarlijkse interne audit als minimum beschouwd. Documentatie zoals de risicobeoordeling, voorraadadministratie en veiligheidsinformatiebladen moeten altijd actueel zijn en direct beschikbaar bij een inspectie. Wijzigingen in de opgeslagen stoffen, hoeveelheden of opslagruimte zijn altijd een aanleiding om uw beoordeling direct te herzien.

Gerelateerde artikelen