Skip Navigation or Skip to Content

Hoe wordt een magazijn PGS 15-gecertificeerd?

Sophie ·
Magazijnmedewerker in fluorescerend vest inspecteert opgeslagen chemische vaten in georganiseerd industrieel magazijn met veiligheidsborden.

Een magazijn wordt PGS 15-gecertificeerd door te voldoen aan de technische, organisatorische en documentaire eisen uit de PGS 15-richtlijn voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Dit betekent onder meer dat het pand beschikt over de juiste brandcompartimentering, ventilatie, lekbakken en samenopslagregels, én dat de bijbehorende vergunningen zijn verkregen. De richtlijn is geen certificaat dat je aanvraagt bij één instantie, maar een aantoonbaar nalevingsniveau dat je opbouwt en onderhoudt. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen rondom PGS 15-opslag, van technische eisen tot wat er verandert in 2026.

Welke technische eisen stelt PGS 15 aan een magazijn?

PGS 15 stelt eisen aan de constructie, installaties en inrichting van een magazijn waar verpakte gevaarlijke stoffen worden opgeslagen. De kern: het gebouw moet voorkomen dat een incident escaleert, dat stoffen vrijkomen in het milieu, en dat hulpdiensten veilig kunnen optreden. De exacte eisen hangen af van de hoeveelheden en klassen van de opgeslagen stoffen.

De belangrijkste technische eisen zijn:

  • Brandcompartimentering: Opslagruimten moeten zijn onderverdeeld in brandcompartimenten met een minimale brandwerendheid van 60 of 120 minuten, afhankelijk van de situatie.
  • Vloeistofdichte vloer en lekbakken: De vloer moet vloeistofdicht zijn en voorzien van een opvangvoorziening die lekkages en bluswater kan opvangen zonder dat dit in het riool of de bodem terechtkomt.
  • Ventilatie: Afhankelijk van de opgeslagen stoffen is mechanische of natuurlijke ventilatie vereist om gevaarlijke concentraties van dampen te voorkomen.
  • Branddetectie en brandbestrijding: Rookmelders, sprinklerinstallaties of andere blusvoorzieningen, afgestemd op de aard van de stoffen.
  • Toegangsbeveiliging en signalering: Duidelijke gevarenpictogrammen, toegangsbeperking voor onbevoegden en nooduitgangen die voldoen aan de Arbowetgeving.
  • Documentatie en registratie: Een actueel opslagregister, veiligheidsinformatiebladen (VIB’s) en een noodplan moeten aanwezig en toegankelijk zijn.

Hoe meer gevaarlijke stoffen je opslaat, en hoe groter de risico’s van de betrokken ADR-klassen, hoe zwaarder de eisen worden. PGS 15 werkt met drempelwaarden: boven bepaalde hoeveelheden gelden aanvullende verplichtingen.

Welke vergunningen zijn nodig voor PGS 15-opslag?

Voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen volgens PGS 15 is in de meeste gevallen een omgevingsvergunning milieu nodig, afgegeven door het bevoegd gezag, doorgaans de gemeente of de omgevingsdienst. Afhankelijk van de hoeveelheid en het type stoffen kan ook een meldingsplicht of een uitgebreide milieuvergunning gelden.

De omgevingsvergunning vervangt onder de Omgevingswet de vroegere milieuvergunning en de vergunning voor bouwen. Bij de aanvraag moet je aantonen dat de opslag voldoet aan de PGS 15-richtlijn, inclusief de technische voorzieningen en de organisatorische maatregelen. Dit vergt een risicobeoordeling, een beschrijving van de opslagsituatie en bewijs van naleving.

Naast de omgevingsvergunning kunnen er aanvullende verplichtingen gelden:

  • Melding Activiteitenbesluit of Omgevingsbesluit: Kleinere hoeveelheden gevaarlijke stoffen vallen soms onder een meldingsplicht in plaats van een vergunningplicht.
  • BRZO-melding: Bedrijven die boven de drempelwaarden van het Besluit risico’s zware ongevallen vallen, hebben aanvullende verplichtingen richting de toezichthouder.
  • Brandweeradvies: De brandweer geeft doorgaans een bindend advies bij de vergunningaanvraag en beoordeelt de bluswatervoorziening en bereikbaarheid.

Een vergunningstraject duurt in de praktijk al snel meerdere maanden, soms meer dan een jaar als er zienswijzen of bezwaren worden ingediend. Dit is precies waarom veel bedrijven kiezen voor uitbesteding aan een partij die de vergunningen al op orde heeft.

Welke ADR-klassen mogen samen worden opgeslagen?

Niet alle ADR-klassen mogen samen worden opgeslagen. De samenopslagregels in PGS 15 bepalen welke combinaties van gevaarlijke stoffen toelaatbaar zijn op basis van de risico’s die ontstaan als stoffen met elkaar in contact komen bij een incident, brand of lekkage.

PGS 15 onderscheidt verschillende samenopslagcategorieën. Stoffen die bij brand of lekkage gevaarlijk reageren op elkaar, moeten fysiek gescheiden worden opgeslagen, bij voorkeur in aparte brandcompartimenten. Een bekende combinatie die problemen geeft: ADR-klasse 3 (brandbare vloeistoffen) en klasse 8 (bijtende stoffen) mogen niet zomaar naast elkaar staan, omdat brand bij klasse 3 de klasse 8-stoffen kan aantasten en gevaarlijke dampen of reacties kan veroorzaken.

De hoofdregel is dat je voor elke opslagcombinatie de samenopslagtabel in PGS 15 raadpleegt. Die tabel geeft per combinatie van ADR-klassen aan of samenopslag is toegestaan, verboden of alleen onder voorwaarden mogelijk. Relevante klassen die in de praktijk veel voorkomen zijn:

  • Klasse 3: Brandbare vloeistoffen
  • Klasse 4.1 / 4.2 / 4.3: Brandbare vaste stoffen en zelfontbrandende stoffen
  • Klasse 5.1: Oxiderende stoffen
  • Klasse 6.1: Giftige stoffen
  • Klasse 8: Bijtende stoffen
  • CMR-stoffen: Kankerverwekkende, mutagene en reproductietoxische stoffen

Naast de ADR-klasse spelen ook de fysische toestand van de stof, de verpakkingsgroep en de aanwezige hoeveelheden een rol bij de beoordeling van samenopslag.

Hoe verloopt een ILT-inspectie van een PGS 15-magazijn?

Een ILT-inspectie van een PGS 15-magazijn is een onaangekondigde of aangekondigde controle door de Inspectie Leefomgeving en Transport, waarbij inspecteurs toetsen of de opslag van gevaarlijke stoffen voldoet aan de geldende wet- en regelgeving, waaronder de PGS 15-richtlijn en de omgevingsvergunning.

Tijdens de inspectie kijken de inspecteurs naar zowel de fysieke situatie als de documentatie. Typische aandachtspunten zijn:

  • Zijn de brandcompartimenten intact en vrij van doorvoeringen die de brandwerendheid aantasten?
  • Kloppen de opgeslagen hoeveelheden met de vergunde hoeveelheden?
  • Zijn de samenopslagregels nageleefd?
  • Zijn de veiligheidsinformatiebladen aanwezig en actueel?
  • Functioneert de ventilatie aantoonbaar correct?
  • Is het personeel getraind en zijn de instructies beschikbaar?

Bij overtredingen kan de ILT een waarschuwing geven, een last onder dwangsom opleggen of in ernstige gevallen de opslag stilleggen. Dat laatste heeft directe operationele en financiële gevolgen. Een goede voorbereiding betekent dat je niet wacht op een inspectie, maar proactief een interne audit uitvoert aan de hand van de PGS 15-checklist.

Wat verandert er door PGS 15:2025 ten opzichte van de vorige versie?

PGS 15:2025 is de meest ingrijpende herziening van de richtlijn in jaren. De definitieve versie is vastgesteld door het Bestuurlijk Omgevingsberaad en sluit beter aan op de Omgevingswet. De belangrijkste verandering is de introductie van scenariogebaseerd werken: in plaats van standaard maatregelen toepassen, moet je nu aantonen welke risicoscenario’s van toepassing zijn en welke maatregelen die specifieke risico’s beheersen.

Andere significante wijzigingen zijn:

  • Aangescherpte brandwerendheidseisen: De minimale brandwerendheid voor bepaalde opslagsituaties is verhoogd, wat bij bestaande magazijnen kan leiden tot aanpassingen aan de constructie of indeling.
  • Strengere ventilatie-eisen: Er zijn concretere eisen gesteld aan de berekening en verificatie van ventilatiesystemen, inclusief aantoonbaarheid via meting of berekening.
  • Betere aansluiting op de Omgevingswet: De richtlijn is herschreven zodat deze beter aansluit bij de systematiek van de Omgevingswet, wat gevolgen heeft voor hoe vergunningaanvragen worden opgesteld en beoordeeld.
  • Aangescherpte documentatieverplichtingen: Risicobeoordeling en de onderbouwing van gekozen maatregelen moeten explicieter worden vastgelegd.

In 2026 zijn veel bedrijven nog bezig met de implementatie van deze wijzigingen. Wie een bestaand PGS 15-magazijn beheert, doet er goed aan om de huidige situatie te toetsen aan de nieuwe eisen en eventuele aanpassingen tijdig te plannen, want een overgangsperiode biedt geen vrijbrief bij een inspectie.

Wanneer is uitbesteding van PGS 15-opslag de betere keuze?

Uitbesteding van PGS 15-opslag is de betere keuze wanneer de kosten en risico’s van eigen opslag niet opwegen tegen de operationele voordelen, of wanneer je eigen magazijncapaciteit onvoldoende is om compliant te blijven zonder een langdurig vergunningstraject te doorlopen.

In de praktijk zijn er vier situaties waarin uitbesteding duidelijk de voorkeur verdient:

  1. Je eigen PGS 15-ruimte zit vol en uitbreiding vereist een omgevingsvergunning die maanden of langer in beslag neemt. Een externe partner met bestaande vergunningen kan direct capaciteit bieden.
  2. Je wilt voldoen aan PGS 15:2025 zonder zelf te investeren in bouwkundige aanpassingen, nieuwe installaties of aanvullende certificeringen.
  3. Je mist interne expertise om de richtlijn te interpreteren, de samenopslagregels te bewaken en de documentatie op orde te houden.
  4. Je volumes zijn wisselend en een flexibele opslagoplossing past beter bij je bedrijfsmodel dan een vaste, vergunde ruimte met hoge vaste lasten.

Bij Versteijnen Logistics beschikken we vanuit de Europese Distributie Campus in Tilburg over PGS 15-gecertificeerde opslagfaciliteiten met gescheiden brandcompartimenten, vloeistofdichte vloeren en 24/7 bewaking. Onze SHEQ-specialisten volgen de laatste ontwikkelingen rondom PGS-richtlijnen actief, zodat jij compliant blijft zonder daar zelf tijd en energie in te steken. Of het nu gaat om tijdelijke bufferopslag of structurele chemische warehousing: we schalen mee met jouw volumes.

Wil je weten of uitbesteding in jouw situatie de juiste stap is? Neem contact op met onze specialisten voor een vrijblijvend gesprek over jouw opslagvraagstuk.

Frequently Asked Questions

Hoe weet ik of mijn huidige magazijn al voldoet aan PGS 15?

De beste manier is het uitvoeren van een interne audit aan de hand van de officiële PGS 15-checklist, waarbij je de fysieke situatie, documentatie en organisatorische maatregelen vergelijkt met de eisen uit de richtlijn. Let daarbij specifiek op de brandwerendheid van compartimenten, de staat van lekbakken en vloeren, de aanwezigheid van actuele veiligheidsinformatiebladen en de naleving van de samenopslagregels. Als je twijfelt, is het verstandig om een externe SHEQ-adviseur of een gespecialiseerde partij in te schakelen voor een gap-analyse vóórdat de ILT langskomt.

Wat zijn de meest voorkomende fouten die bedrijven maken bij PGS 15-opslag?

De meestgemaakte fouten zijn: het overschrijden van de vergunde opslaghoeveelheden, het niet naleven van de samenopslagregels (bijvoorbeeld klasse 3 en klasse 5.1 te dicht bij elkaar), verouderde of ontbrekende veiligheidsinformatiebladen, en brandcompartimenten die zijn aangetast door niet-goedgekeurde doorvoeringen of onjuist geplaatste materialen. Een andere veelvoorkomende valkuil is dat de documentatie niet wordt bijgehouden na wijzigingen in het assortiment opgeslagen stoffen, waardoor de feitelijke opslagsituatie niet meer overeenkomt met wat vergund is.

Geldt PGS 15 ook voor kleine hoeveelheden gevaarlijke stoffen?

PGS 15 werkt met drempelwaarden per ADR-klasse: pas boven bepaalde hoeveelheden gelden de volledige verplichtingen, waaronder de vergunningplicht. Kleinere hoeveelheden kunnen vallen onder een meldingsplicht in plaats van een volledige omgevingsvergunning. Het is echter een misvatting dat kleine hoeveelheden volledig buiten de regelgeving vallen: ook onder de drempelwaarden gelden basisverplichtingen rondom opslag, signalering en veiligheidsinformatiebladen vanuit het Omgevingsbesluit en de Arbowetgeving.

Hoe lang duurt het om een nieuw PGS 15-magazijn vergunningsklaar te maken?

Reken realistisch op minimaal zes tot twaalf maanden voor het volledige traject, inclusief de aanvraag van de omgevingsvergunning, het brandweeradvies en eventuele bouwkundige aanpassingen. Als er bezwaren of zienswijzen worden ingediend door derden, kan dit oplopen tot twee jaar of meer. Dit tijdspad is precies waarom het starten van een vergunningstraject zo vroeg mogelijk in de planningsfase essentieel is, en waarom uitbesteding aan een partij met bestaande vergunningen voor veel bedrijven een snellere en kosteneffectievere route is.

Moet ik mijn PGS 15-opslag aanpassen nu PGS 15:2025 van kracht is?

Als je een bestaand PGS 15-magazijn beheert, is het verplicht om te toetsen of je huidige situatie voldoet aan de nieuwe eisen uit PGS 15:2025, met name op het gebied van brandwerendheid, ventilatie en de scenariogebaseerde risicobeoordeling. Een overgangsperiode biedt geen vrijbrief bij een ILT-inspectie: inspecteurs toetsen aan de actueel geldende richtlijn. Maak een vergelijking tussen je huidige vergunning, de feitelijke situatie en de nieuwe eisen, en leg eventuele aanpassingen vast in een implementatieplan met concrete deadlines.

Wie is verantwoordelijk voor PGS 15-naleving als ik mijn opslag uitbesteed?

Bij uitbesteding ligt de primaire verantwoordelijkheid voor naleving van de PGS 15-richtlijn bij de opslagpartner, die beschikt over de benodigde omgevingsvergunning en de bijbehorende verplichtingen draagt. Als opdrachtgever blijf je echter verantwoordelijk voor het aanleveren van correcte informatie over de aard, hoeveelheid en classificatie van de opgeslagen stoffen, inclusief actuele veiligheidsinformatiebladen. Zorg altijd voor duidelijke contractuele afspraken over verantwoordelijkheden, rapportage en wat er gebeurt bij wijzigingen in je productportfolio.

Hoe bereid ik mijn personeel voor op een ILT-inspectie?

Zorg dat medewerkers die dagelijks werken in of rondom de PGS 15-opslagruimte weten waar de veiligheidsinformatiebladen en het noodplan te vinden zijn, en dat ze de basisregels rondom samenopslag en de vergunde hoeveelheden kennen. Voer minimaal jaarlijks een interne inspectieronde uit aan de hand van de PGS 15-checklist, zodat afwijkingen worden gesignaleerd en gecorrigeerd vóór een externe inspectie. Documenteer deze interne audits aantoonbaar, want een inspecteur waardeert het als een bedrijf proactief laat zien dat het naleving serieus neemt.

Related Articles